Marius Bauer (Mari Alexander Jacques) werd geboren in Den Haag op 25 januari 1867. Al op jonge leeftijd ontwikkelde hij een interesse voor ‘het oosten’. Vanaf zijn twaalfde jaar, van 1879 tot en met 1884, bezocht hij de Haagse tekenacademie, samen met onder andere Isaac Israëls en Willem de Zwart. In 1885 betrekt hij een atelier in dezelfde stad, daartoe mede in staat gesteld door een jaargeld van koning Willem III. Aanvankelijk kreeg Bauer vooral bekendheid als etser, hierin bijgestaan met adviezen door Ph. Zilcken. In 1888 werd hij lid van de Nederlandse Etsclub. Zijn etsen vallen op door een sterk licht-donker contrast, de nauwkeurige wijze waarop hij zijn composities samenstelt, de rake typering van zijn figuren en de vlotte wijze waarop hij de etsnaald hanteert. Voor het blad de Kroniek maakt hij onder het pseudoniem ‘Rusticus’,
voornamelijk in de jaren 1895 en 1896 een vijftigtal litho’s over tal van onderwerpen. Voor de Kroniek bezocht hij in 1896 Moskou, om verslag te doen van de kroning van tsaar Nicolaas II.

Een studiereis naar Constantinopel, in financieel opzicht mogelijk gemaakt door de Haagse kunsthandelaar E.J. van Wisselingh, was beslissend voor zijn verdere carrière. Vanaf die tijd vormt het oosterse leven met paleizen, forten en kasbah’s, emirs en derwisjes, sluiers en tulbanden, sfinxen en exotische dieren een voortdurende bron van inspiratie. Na de eeuwwisseling ontwikkelde Bauer zich meer en meer tot aquarellist en schilder. Zijn onderwerpskeuze bleef onveranderd. Zijn kleurengamma werd, zeker na 1905, gereduceerd tot enkele dicht bij elkaar liggende tinten. De verf brengt hij dunner op, waardoor de verschillen tussen zijn olieverven en aquarellen vervagen, zijn penseelvoering wordt spontaner en sneller en zijn composities gedurfder. Opvallend is dat hij op latere leeftijd de grote mensenmenigten en feestelijke optochten verruilde voor scènes met hooguit een paar figuren.

Zijn kennis van en liefde voor het oosterse leven kwamen hem goed van pas bij het ontwerpen van tableaux-vivants voor het kunstenaarsgenootschap Pulchri in Den Haag. Bij het organiseren van een dergelijk tableau-vivant voor het huwelijk van prins Hendrik en koningin Wilhelmina (1901) leerde hij zijn toekomstige vrouw de schilderes Jo Stumpff kennen, die later als één van de Amsterdamse Joffers bekend zou worden.

Marius Bauer overlijdt op 18 juli 1932 te Amsterdam. Een jaar na zijn dood werd door het Stedelijk Museum Amsterdam een grote overzichtstentoonstelling van zijn werk gehouden. Er volgden nog enkele kleinere exposities in de volgende jaren, maar pas vrij recent kreeg de kunstenaar Marius Bauer opnieuw meer aandacht in diverse tentoonstellingen: in Kasteel Het Nijenhuis bij Heino en in het Teylersmuseum in Haarlem (1991); in Slot Zeist (1994/95).

BAUER, MARIUS – Marius Bauer, aflevering 3 uit serie moderne Kunstwerken onder redactie van H.P. Bremmer, uitgave van W. Versluys Amsterdam, vijfde jaargang, 1907. Losbladig, 7 zw/w
illustraties. (plaat 19 ontbreekt, stempel  op omslag).

BAUER, MARIUS – Brieven en schetsen van zijn reizen naar Moskou en Constantinopel gevolgd door enige plemieken tussen socialisten en estheten. Amsterdam/Antwerpen, Wereldbibliotheek, 1964. Pb., 160p., zw/w illustraties in tekst.

BAUER, MARIUS – De onbekende Bauer, tentoonstellingscatalogus Museum Boymans Rotterdam, 1957. pap., ongenummerde pp., zw/w illustraties.

BAUER, MARIUS – Marius Bauer, schilderijen, aquarellen, etsen, catalogus verkooptentoonstelling Kunsthandel Borzo Den Bosch, 1978. Pap., 32p., illustraties in kleur en zw/w.

Brieven van Marius Bauer 1888-1931. Amst. & Mechelen, 1933. 106 pp. Ills. H.cloth

BAUER,MARIUS A.J. Eikeren,J.H.van. Marius Bauer zoals men hem niet kent. Bussum, 1946. 25 pp. 75 ills. Cloth.

BAUER,MARIUS A.J. Switzar,Simon. With Bauer in the East. The Hague, 1957. 106 pp. Ills.

BAUER,MARIUS A.J. Vries,R.W.P.de. M.A.J.Bauer. Amsterdam, 1944. 143 pp. 141 ills.