De kunstschilder Mommie Schwarz werd op 28 juli 1876 als Samuel Schwarz geboren als zoon van een welgestelde industrieel. Eigenlijk werd de naam Samuel bijna nooit gebruikt. Iedereen noemde hem altijd Mommie, Moemie of Mumie. In 1898 verliet hij Nederland en ging naar Amerika. Hij had een broer in New York bij wie hij werk kon krijgen. Hij koos echter voor het schildersvak. Hij leerde tekenen en schilderen en werkte voor verschillende tijdschriften. Ook maakt hij boekomslagen en affiches. Af en toe ging hij naar Europa en op een van zijn reizen liet hij zich inschrijven aan de kunstacademie van Antwerpen. Lang hield hij het daar niet vol. Na een jaar vertrok hij alweer naar Amerika. Hoewel Amerika bleef trekken, kreeg hij toch steeds weer heimwee naar Europa.

In 1903 vertrok hij voor twee jaar naar Madrid waar hij tekeningen en aquarellen maakte. Daarna ging hij naar Berlijn waar toendertijd vele kunstenaars naartoe trokken zoals bijvoorbeeld Kokoschka. In deze stad leerde hij Else Berg kennen met wie hij later zou gaan samenwonen. In 1911 verstigden Schwarz en Berg zich in Amsterdam. Mommie was al wel eerder in deze stad geweest en de schilder Leo Gestel had hen nu overgehaald om zich er blijvend te vestigen. De beide kunstenaars gingen wonen in een huis aan het Sarphatipark dat ze konden overnemen van Piet Mondriaan. Ook kwamen ze via Mondriaan aan een atelier in de Albert Cuypstraat zodat ze onafhankelijk van elkaar konden werken. In 1913 maakten Mommie Schwarz en Else Berg samen met Leo Gestel en zijn vrouw Gerritje Overtoom een reis naar Mallorca. De drie schilders maakten er veel nieuw werk. Schwarz en Berg schilderen duidelijk in de stijl van Gestel, Schwarz nog meer dan Berg.

Kort voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog keerden ze terug naar Nederland. In de zomer van 1915 vertrokken Schwarz en Berg naar een boerderij in Schoorl. Ze kwamen in die periode ook vaak in Bergen, waar veel kunstenaars naar toe trokken zoals Leo Gestel, Charley Toorop en Henri Le Fauconnier. In dit jaar werd ook de ‘Hollandse Kunstenaarskring’ opgericht, een Amsterdamse kunstenaarsvereniging. Deze kring organiseerde jaarlijkse tentoonstellingen waar Schwarz en Berg aan mee deden. Later ging Schwarz ook secretariaatswerk verrichten voor deze kring.

De schilder Edgard Fernhout vertelde over Else Berg en Mommie Schwarz: “Else Berg (…) was ook een gezellige vrouw om mee om te gaan. Mommie was anders. Hij was een erg vermoeiende man, steeds pratend, schreeuwerig soms, vaak maakte hij ruzie. (…) Ik geloof, dat Mommie door veel mensen werd geaccepteerd, omdat Else erbij was. En Mommie werd ook geaccepteerd, omdat het een doodgoed mens was, altijd bereid om zich voor anderen het vuur uit de sloffen te lopen.” Als secretaris van de Hollandse Kunstenaarskring was Mommie vaak bezig om schilders te helpen die moeilijk aan de slag kwamen. In 1920 traden Mommie en Else Berg in het huwelijk. Het liefst maakte Schwarz ontwerpen voor boekbanden en affiches. Voorbeelden daarvan zijn affiches voor de Hollandse Kunstenaarskring en Arti et Amicitiae en een omslag voor het kunsttijdschrift “Wendingen”. In 1931 werd zijn werk bij Kunsthandel Vecht in Amsterdam geëxposeerd. Het was een van zijn weinige tentoonstellingen. In de oorlog kregen Mommie Schwarz en Else Berg als joden niet meer de mogelijkheid om nog werk te exposeren. Ze doken niet onder en droegen ook geen jodenster. Op 12 november van 1942 werden beiden opgepakt en op 16 november via Westerbork op transport gesteld. Direkt na aankomst in Auschwitz zijn zij op 19 november 1942 omgebracht.

tekst: Joods Historisch Museum   www.jhm.nl /

De volgende musea/instellingen hebben werk in hun collectie:
Joods Historisch Museum (JHM), Amsterdam
Museum Kranenburgh Bergen, Bergen
Museum de Wieger, Deurne
Vertegenwoordigd in de volgende bedrijfscollecties:
AMC Brummelkamp Galerie en AMC-vitrines, Amsterdam