Hendrik Willem Mesdag wordt op 23 februari 1831 te Groningen geboren als vierde kind in het doopsgezinde gezin van Klaas Mesdag, die zich tot bankier opwerkt en politiek actief is, en Johanna Wilhelmina van Giffen, die uit een familie van zilversmeden stamt. Vanwege zijn aanleg voor tekenen mag Hendrik Willem samen met zijn oudere broer Taco op tekenles bij Cornelis Bernardus Buijs (1808-1872) en vervolgens bij Johannes Hinderikus Egenberger (1822-1897), die als directeur aan de Academie van Beeldende Kunsten en Zeevaartkunde Minerva te Groningen verbonden is. Hij werkt als klerk in het bankbedrijf van zijn vader en trouwt op 23 april 1856 met Sina van Houten (1834-1909), uit welk huwelijk zoon Klaas in 1863 geboren wordt, maar die sterft jong in 1871.

Financieel onafhankelijk door een flinke erfenis besluit Mesdag in 1866 kunstschilder te worden. Op instigatie van zijn neef kunstschilder Laurens Alma Tadema gaat hij in de herfst van 1866 naar Brussel om door Willem Roelofs in het schilderen ingewijd en begeleid te worden. De zomer brengt hij echter nog door aan de zuidelijke Veluwezoom in Oosterbeek, het Hollandse Barbizon, waar een hele schildersbent rond de oudere Johannes Warnardus Bilders (1811-1890) en plein air werkt. Brussel is dan tot een kunstcentrum uitgegroeid met academie, musea, tentoonstellingsactiviteiten, kunstenaarssociëteiten en kunsthandels, waar rond Roelofs een groep Nederlandse schilders met o.a. Paul Gabriël en Jan de Haas actief is. Hier leert Mesdag in contact met Belgische realistische schilders zoals Alfred Verwee, Louis Artan e.a. de verworvenheden van de Barbizon-schilders zoals Daubigny Diaz de la Peña, Troyon en Corot kennen door direct en precies naar de natuur, de werkelijkheid, te werken ontdaan van alle romantische franjes. Mesdags schilderijen uit Brussel ogen daarom ietwat vast, stug en naïef. Hij wordt lid van de Societé Libre des Beaux-Arts. Door een vakantie naar het Duitse Waddeneiland Norderney in 1868 ontdekt hij zijn thema voor het leven: de zee. In mei 1869 verhuist de familie naar Den Haag, zodat Mesdag – overigens vanuit een comfortabele hotelkamer – studies van het Scheveningse strand met vissersleven en de zee kan maken, die hij in doeken uitwerkt. Als schilder breekt Mesdag door, wanneer zijn doek Les Brisants de la Mer du Nord (Branding van de Noordzee) op de Parijse Salon in 1870 met een gouden medaille wordt bekroond, waardoor hij ook in Nederland meer erkenning vindt – in 1872 ontvangt hij op de Haagse tentoonstelling van levende meesters een gouden medaille – en lid wordt van het Schilderkundig Genootschap Pulchri Studio. Daar ontmoeten de schilders elkaar die zich de een na de ander in Den Haag vestigen – in 1871 Jozef Israëls en Jacob Maris, in 1874 Adolphe Artz en in 1875 Albert Neuhuys -, die door eenzelfde gemeenschappelijke sfeer in hun werk worden verbonden. Het is J. van Santen Kolff, die de term Haagse School bij een tentoonstellingsbespreking in het blad De Banier in 1875 voor de eerste keer bezigt. Hij stelt dat er sprake is van ‘een nieuwe ultraradicale beweging in de schilderkunst’, die ‘op de werkelijkheid geïnspireerd, alleen de waarheid huldigend’ poogt stemming weer te geven, waarbij toon boven kleur prevaleert. ‘De poezie van het grijs’ met gematigde toonschakeringen hanteren de schilders als ideaal. De behoudende criticus Carel Vosmaer noemt Mesdag zelfs ‘een van de frischte en krachtigste vertegenwoordigers der jongere kunstrichting in Nederland’. In ieder geval laat Mesdag zijn preciese manier van schilderen los ten gunste van een directere weergave van een momentane indruk, waarbij jaargetijde, tijdstip van de dag en weersomstandigheden een grote rol spelen.

In 1876 is Mesdag betrokken bij de oprichting van de Hollandsche Teekenmaatschappij die zich tot doel stelt tekeningen en aquarellen als zelfstandig kunstwerk via exposities bekendheid te geven. Mesdag is van 1876 tot 1885 voorzitter van deze vereniging. In 1889 wordt hij voorzitter van Pulchri Studio tot 1907, dat hem dan tot erevoorzitter benoemd. In opdracht van de Belgische Societé Anonyme du Grande Panorama Maritime de La Haye schildert Mesdag in 1881 samen met zijn vrouw Sientje, die na de dood van hun zoon ook aan het schilderen geslagen is via lessen van Johannes Christiaan d’Arnaud Gerkens, én de schilders Theophile de Bock, Bernard Blommers en George Breitner in vier maanden het panorama. Het is een gezicht vanaf het Seinpostduin over Scheveningen, strand en zee. Als de panoramavennootschap failliet gaat, verwerft
Mesdag zijn schepping zelf om het te behouden en te exploiteren. Hij verhuurt het aan panorama-maatschappijen in München (1887) en in Amsterdam (1889-1891), maar na een grootscheepse restauratie in de afgelopen jaren is het nog altijd een publieksattractie van de eerste orde in Den Haag.
Vanaf zijn Brusselse tijd collectioneert Mesdag schilderijen van Nederlandse en Franse tijdgenoten en bouwt in 1887 bij zijn huis een museumgebouw om zijn verzameling, waarin ook Jan Toorop en Italianen als Mancini en Segantini vertegenwoordigd zijn, te herbergen. In 1903 draagt hij de collectie aan de Nederlandse Staat over, die nog altijd in zijn voormalig woonhuis te bezichtigen valt en bekend is als Museum Mesdag. Zijn werk wordt op internationale exposities o.a. te München (1879 en 1883), Londen (1884), Berlijn (1886), Parijs (1870, 1889 en 1900), Chicago (1892), Florence (1896), St. Louis (1904) en Barcelona (1907) bekroond. Ook is hem een groot aantal onderscheidingen – zoals bij zijn zeventigste verjaardag de bevordering tot Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw – en erelidmaatschappen te beurt gevallen. Nadat zijn steun en toeverlaat Sientje in 1909 is gestorven, en zijn vriend Jozef Israëls in 1911, sterft hij na een jarenlang ziekbed op 10 juli 1915 in Den Haag.
Tekst: Museum Kempenland Eindhoven

1831  Geboren in Groningen
1856  Huwelijk Sientje v Houten
1861  Leerling Academie Gron.
1866  Zomer in Oosterbeek
1866  Naar Brussel
1868  Zomer in Norderneij-Zee
1869  Naar Den Haag
1870  Les Brissants de la mer  Nord-1ste prijs Paris
1872  Goud medaille DenHaag
1876  Oprichter Teken Mij.
1878  Bouw Museum Mesdag
1881  Panorama Mesdag
1886  Mesdag koopt Panorama
1888  Soleil Couchant gemaakt
1889  Voorzitter Pulchri Studio
1901  Commandeur Nl. Leeuw
1903  Schenkt museum Staat
1906  50-jarig huwelijk
1909  Sientje overlijdt
1915   Mesdag overlijdt

Mesdag, H.W. – Poort, Johan. Hendrik Willem Mesdag. 1831 – 1915. Oeuvrecatalogus supplement. Wassenaar, Mesdag Documentatie Stichting, 1997. Cloth, ills. d/w, 30,5 x 22 cm., 200 pp. text in Dutch with numerous (col.) ills.

Mesdag, H.W. – Poort, Johan Hendrik Willem Mesdag. Leven en Werk. Wassenaar, Stichting Mesdag Documentatie, no date, Cloth, 30 x 21,5 cm., 192 pp. text in Dutch and English with numerous (col.) ills.

Mesdag, H.W. – Poort, Johan. Hendrik Willem Mesdag ‘Artiste Peintre à La Haye’.  Wassenaar, Johan Poort, 1981. Cloth, 30 x 21,5 cm., 156 pp. text in Dutch with an English summary with
numerous (col.) ills.