Fedor van Kregten (1871-1937) woonde en werkte een groot deel van zijn leven in de buurtschap Notter bij Wierden. 
Daarnaast werkte hij afwisselend in Den Haag en Drenthe. Tussendoor maakte hij reizen naar Marokko en Spanje. De autodidact Van Kregten liet zich daarbij constant inspireren door de natuur. Hij schilderde veel landschappen met vee in de geest van de Haagse School, waarbij hij veel speelde met licht.

Van Kregten kwam als geboren Drent met zijn ouders naar Wierden. Zijn vader was ‘bovenmeester’ der lagere school in het landelijke gebied aan de westkant van het dorp. Fedor van Kregten koos aanvankelijk ook voor het onderwijs, tot hij zich op 22-jartige leeftijd ‘bekeerde’  tot de kunst.

Zijn specialiteit zijn landschapsschilderingen, veelal met veel koeien, kalfjes of schaapskuddes. Van Kregten ging ver om zo natuurgetrouw mogelijk te schilderen. Zo leefde hij in Notter – waar hij zijn atelier had – met koeien. Hij at en sliep er zelfs mee om de dieren qua bouw en sfeer te doorgronden. Alles omwille van de kunst.

Fedor van Kregten behaalde eerst zijn onderwijzersacte, maar begon vanaf zijn 22ste volledig te schilderen. Hij haalde een zeer grote produktie en maakt al snel naam als koeienschilder.
Woonde en werkte in Den Haag en Wierden. Maakte in 1925 een lange reis naar Noord Afrika en Spanje. Hierna veranderde zijn stijl naar een veel frisser en tintelender palet.
Was voornamelijk autodidact.  Schilderde en tekende vooral landschappen met koeien en na 1925 ook Arabische taferelen.
Wordt gerekend tot de tweede generatie Haagse school.

Het huwelijksleven van Hermannus Jacobus van Kregten, die het levenslicht zag aan boord van een driemaster in de Oostzee, en Anna Jufina Rienks, afkomstig uit Hoogeveen, werd gekenmerkt door een rusteloos bestaan. Hun elf kinderen kwamen op acht verschillende plaatsen ter wereld. De oudste zoon Johannes Aurelius Richard Fedor werd in Diever geboren. De belangstelling van Fedor voor de natuur en het landschap kreeg, juist door de aanhoudende verhuizingen van het gezin, steeda nieuwe impulsen. In 1892 besloot hij dan ook, na een korte loopbaan in het onderwijs, zich geheel aan de schilderkunst te wijden. Zijn eerste werkgebieden waren Drenthe en Overijssel, waar hij geïnspireerd raakte door de onafzienbare heidevelden. Hij werkte geheel op eigen kracht. Contacten met collega’s bleven aanvankelijk achterwege. Het lidmaatschap van een kunstenaarsvereniging of de opleiding aan de academie waren voor hem geen middelen om zijn blik te verruimen. Wel beschikte hij over een eigen atelier in Notter. Daarin werkte hij zijn natuurschetsen uit, want een plein-airschilder was hij niet. Behalve aan landschappen werkte hij graag aan dierstudies. Veel tijd won hij, nadat hij zelf een kalf had aangeschaft, dat hij in alle rust in al zijn schilderkunstige hoedanigheden kon bestuderen. In 1906 vestigde hij zich in Den Haag. Van daaruit bezocht hij regelmatig zijn vorige woonplaats Wierden. Ondanks een teruggetrokken bestaan, waarin weinig plaats was voor een sociaal kunstenaarsleven, heeft Fedor van Kregten wel met een zekere regelmaat geëxposeerd en dreef hij zaken via de kunsthandel. In 1929 maakte hij reizen naar Spanje en Marokko. In 1968 werd in Diever een tentoonstelling aan hem gewijd.

Literatuur: Han Baas, “Fedor van Kregten, zijn leven, zijn werk”, (Deventer, s.a.).

Zie: http://www.fedorvankregten.nl/