Naakt
[Lat. actus = beweging, bezigheid] Het afbeelden van een naakt menselijk lichaam. De oorspronkelijke betekenis heeft vooral betrekking op de, door het ongeklede model ingenomen houding voor kunstzinnige en anatomische studies. Als er al afbeeldingen van mensen in hun blootje geschilderd of in steen gehouwen werden, moest het verheven bloot zijn. Naakt dus. Je vraagt je niet af, waarom kleren zijn uitgetrokken. Dat komt niet in je op. Het is kunst. Onder dat motto mocht gelukkig veel.
Het menselijk lichaam is al van in de oertijd een geliefd onderwerp in de beeldende kunst. Het is door de eeuwen heen een belangrijke inspiratiebron voor de kunstenaar gebleven. Het menselijk lichaam krijgt vorm en wordt verbeeld. Dit uiteraard niet alléén in relatie tot lust. Een speurtocht door de kunstgeschiedenis leert ons dat elke periode en stroming een specifiek lichamelijk man- en vrouwbeeld kan opleveren.
De eerste `naakten` vindt men reeds terug in beelden uit de cultus van vroegere belangrijke culturen.
De prehistorische Venus van Willendorf heeft waarschijnlijk als vrouwelijk vruchtbaarheidsfiguurtje gediend en heeft daarbij dus ook een magische functie. Haar vrouwelijke vormen stimuleren de vruchtbaarheid van de aarde en van de stam.
In de Egyptische mythologie ontstaat het universum door de paring van Geb, de mannelijke aarde, met Noet, de vrouwelijke hemel. In de oude Egyptische papyrus van Tamenin staat een illustratie waarop Geb met een stevige erectie onder Noet ligt, die zo zwanger raakt van de sterren.
Haar eerste hoogtepunt vindt de afbeelding van het naakt in de griekse kunst, waarin de perfecte afbeelding van het menselijk lichaam van groot belang werd gevonden. De oude Grieken streefden in hun goden- en atletenbeelden het schoonheidsideaal, de esthetica na, terwijl de klassieke Romeinen eerder het zogenoemde verisme aanhingen.
Binnen de Europees-christelijke ontwikkeling, toen de tiara van de paus zwaarder woog dan de scepter van koning of keizer, tot het einde van de Middeleeuwen kon het naakt slechts in enkele bijbelse taferelen worden gebruikt, waarbij de geslachtsdelen meestal werden bedekt, deels ook door het op een later tijdstip te overschilderen. Elke zich zelf respecterende schilder stortte zich op het naakt van de Heilige Sebastiaan of op Adam en Eva. Ook de figuur van Christus werd aangegrepen om een staaltje van anatomische kennis ten toon te spreiden.
Jeroen Bosch schept in zijn triptiek `De tuin der lusten` (ca. 1500) een wonderlijke wereld met een landschap dat op het paradijs lijkt en bevolkt is met talloze naakte mannen en vrouwen, die de wildvreemdste dingen doen. In het middenveld rijden ze op allerlei dieren rondom een vijver; anderen vermaken zich in kleine poelen; de meesten zijn eng verbonden met reusachtige vogels, vruchten, bloemen of zeedieren; en slechts enkelen geven zich ongeremd over aan de liefde. Ongetwijfeld echter zijn de lusten in deze `tuin` van zuiver vleselijke aard, hoe vreemd verborgen ze ook mogen lijken.
Pas door de in de renaissance terugkerende interesse voor het menselijk lichaam en het anatomische en natuurwetenschappelijke streven van deze tijd verkreeg het naakt een centrale plaats binnen de plastische kunst, de schilder- en de tekenkunst. In de Renaissance komt de mens zelf weer centraal te staan en kunnen de kunstenaars wat betreft het fysiek verbeelden van de mens flink uitpakken. In navolging van de klassieken wordt in de renaissance serieus aandacht besteed aan de anatomie.
In de barok, met bijvoorbeeld een rubens, deed men er nog een schepje op, en het menselijk lichaam presenteert zich in een onstuimige dramatiek.
In de rococo is het vooral de frivoliteit en de kokette galanterie al wat de klok slaat.
Gedurende de 19de eeuw zien we in het neo-classicisme weer de klassieke strengheid opdoemen en in de romantiek juist weer de dramatiek met zo nodig een exotisch tintje.
Niettemin hebben we tot dusver in wezen nog steeds te maken met een lichamelijke representatie van de mens in een mythologische of bijbelse context. Het fysieke naakt in een alledaagse enscenering zien we eigenlijk pas voor het eerst bij onder anderen goya met zijn `Naakte Maya` (ca. 1800) en bij manet in `Le déjeuner sur l`herbe` (1863). Beide kunstwerken brachten dan ook een enorme schok teweeg.
Sedertdien buitelen bij de (post)impressionisten, de fauvisten, de expressionisten en kubisten de naakten, vooral baadsters, in beeldend opzicht over elkaar heen.
In het fin-de-siècle en begin 20ste eeuw zien we ook de decadentie optreden, zoals bij Beardsley, Klimt, Schiele én de Nederlandse schilder-edelman Christoph Karel Henri de Nerée tot Babberich.
De Futurist laat de mens voortsnellen in de ruimte.
Magritte schilderde `Le Viol` (1934) op zijn eigen wijze in een evenzo eigenzinnig surrealisme.
De 20ste eeuw onderzoekt het menselijk lichaam op een heel eigen wijze. Kijk maar eens naar het werk van de expressionist bacon met zijn verwrongen, geslachte mensenlichamen. Hij geeft het menselijk lichaam een heel eigen anatomie.
Of Kienholz die op een stapelbed in een ziekenhuis een naakte oude seniele man laat liggen, vastgebonden; zijn lichaam is weinig meer dan een skelet met een leerachtige, verkleurde huid. Hij is het slachtoffer van fysieke wreedheid, aan zijn lot overgelaten.
In de pop art zien we de lichamelijke presentatie van de mens (lees ook filmster) als een commercieel consumptieartikel. Richard Hamilton ensceneert voor ons het ideale fysieke man- en vrouwbeeld in een huishoudelijke omgeving in zijn collage `Just what is it that makes today`s homes so different, so appealing?`.
En wat te denken van Yves Klein in zijn Fluxus-performance Painting Ceremony in 1971. Hier wordt action painting met het model zelf als medium wel heel letterlijk opgevat. In body painting wordt het lichaam van het model als drager voor het kunstwerk beschouwd.
Ook de kunstenaar (of kunstenmaker?) Jeff Koons maakt zichzelf, vrijend met zijn model, geliefde en inmiddels ex-vrouw Cicciolina tot onderwerp van zijn kunst. Zo brengt hij de kunst in de wereld van de banale pornografie, of andersom gezegd de pornografie in het domein van de kunst.
Bruce Nauman laat in neonverlichting zeven mensfiguren copuleren.
De tentoonstelling Post-human in 1993 te Hamburg toont ons hoe de biotechnologie, vitaminenpreparaten, cosmetica, plastische chirurgie en fitness-cultuur het lichamelijke mensbeeld gaan beheersen. Het post-humane mensbeeld (Michael Jackson, Cher) is er een van manipulatie. De kunstenares Orlan maakt van zichzelf een kunstwerk door zich voortdurend door plastische chirurgen te laten opereren. En alsof dat nog niet genoeg is, kan de fysieke verschijningsvorm van de mens ook nog eens vervangen worden door middel van digitale simulatie in cyberspace: virtuele seks.
Degene die alles aangaande het menselijk naakt in de beeldende kunst wilde samenvatten is de cineast Peter Greenaway. Hij werd in 1991 door het Rotterdamse museum Boijmans- van Beuningen uitgenodigd als gastconservator om een expositie samen te stellen uit de eigen collectie. Greenaway richtte onder de titel The Physical Self een tentoonstelling in over het menselijk lichaam die eindigde in de museumtoiletten. Greenaway exposeerde klassieke en eigentijdse, gefotografeerde en levende naakten: ,,Ik zag telkens opnieuw hoe intens en onbedwingbaar onze nieuwsgierigheid is naar het menselijk lichaam. [ …]. Het lichaam is alles wat we hebben.“
Tekst: Kunstbus.nl

Naakt
[Lat. actus = beweging, bezigheid] Het afbeelden van een naakt menselijk lichaam. De oorspronkelijke betekenis heeft vooral betrekking op de, door het ongeklede model ingenomen houding voor kunstzinnige en anatomische studies. Als er al afbeeldingen van mensen in hun blootje geschilderd of in steen gehouwen werden, moest het verheven bloot zijn. Naakt dus. Je vraagt je niet af, waarom kleren zijn uitgetrokken. Dat komt niet in je op. Het is kunst. Onder dat motto mocht gelukkig veel.
Het menselijk lichaam is al van in de oertijd een geliefd onderwerp in de beeldende kunst. Het is door de eeuwen heen een belangrijke inspiratiebron voor de kunstenaar gebleven. Het menselijk lichaam krijgt vorm en wordt verbeeld. Dit uiteraard niet alléén in relatie tot lust. Een speurtocht door de kunstgeschiedenis leert ons dat elke periode en stroming een specifiek lichamelijk man- en vrouwbeeld kan opleveren.
De eerste `naakten` vindt men reeds terug in beelden uit de cultus van vroegere belangrijke culturen.
De prehistorische Venus van Willendorf heeft waarschijnlijk als vrouwelijk vruchtbaarheidsfiguurtje gediend en heeft daarbij dus ook een magische functie. Haar vrouwelijke vormen stimuleren de vruchtbaarheid van de aarde en van de stam.
In de Egyptische mythologie ontstaat het universum door de paring van Geb, de mannelijke aarde, met Noet, de vrouwelijke hemel. In de oude Egyptische papyrus van Tamenin staat een illustratie waarop Geb met een stevige erectie onder Noet ligt, die zo zwanger raakt van de sterren.
Haar eerste hoogtepunt vindt de afbeelding van het naakt in de griekse kunst, waarin de perfecte afbeelding van het menselijk lichaam van groot belang werd gevonden. De oude Grieken streefden in hun goden- en atletenbeelden het schoonheidsideaal, de esthetica na, terwijl de klassieke Romeinen eerder het zogenoemde verisme aanhingen.
Binnen de Europees-christelijke ontwikkeling, toen de tiara van de paus zwaarder woog dan de scepter van koning of keizer, tot het einde van de Middeleeuwen kon het naakt slechts in enkele bijbelse taferelen worden gebruikt, waarbij de geslachtsdelen meestal werden bedekt, deels ook door het op een later tijdstip te overschilderen. Elke zich zelf respecterende schilder stortte zich op het naakt van de Heilige Sebastiaan of op Adam en Eva. Ook de figuur van Christus werd aangegrepen om een staaltje van anatomische kennis ten toon te spreiden.
Jeroen Bosch schept in zijn triptiek `De tuin der lusten` (ca. 1500) een wonderlijke wereld met een landschap dat op het paradijs lijkt en bevolkt is met talloze naakte mannen en vrouwen, die de wildvreemdste dingen doen. In het middenveld rijden ze op allerlei dieren rondom een vijver; anderen vermaken zich in kleine poelen; de meesten zijn eng verbonden met reusachtige vogels, vruchten, bloemen of zeedieren; en slechts enkelen geven zich ongeremd over aan de liefde. Ongetwijfeld echter zijn de lusten in deze `tuin` van zuiver vleselijke aard, hoe vreemd verborgen ze ook mogen lijken.
Pas door de in de renaissance terugkerende interesse voor het menselijk lichaam en het anatomische en natuurwetenschappelijke streven van deze tijd verkreeg het naakt een centrale plaats binnen de plastische kunst, de schilder- en de tekenkunst. In de Renaissance komt de mens zelf weer centraal te staan en kunnen de kunstenaars wat betreft het fysiek verbeelden van de mens flink uitpakken. In navolging van de klassieken wordt in de renaissance serieus aandacht besteed aan de anatomie.
In de barok, met bijvoorbeeld een rubens, deed men er nog een schepje op, en het menselijk lichaam presenteert zich in een onstuimige dramatiek.
In de rococo is het vooral de frivoliteit en de kokette galanterie al wat de klok slaat.
Gedurende de 19de eeuw zien we in het neo-classicisme weer de klassieke strengheid opdoemen en in de romantiek juist weer de dramatiek met zo nodig een exotisch tintje.
Niettemin hebben we tot dusver in wezen nog steeds te maken met een lichamelijke representatie van de mens in een mythologische of bijbelse context. Het fysieke naakt in een alledaagse enscenering zien we eigenlijk pas voor het eerst bij onder anderen goya met zijn `Naakte Maya` (ca. 1800) en bij manet in `Le déjeuner sur l`herbe` (1863). Beide kunstwerken brachten dan ook een enorme schok teweeg.
Sedertdien buitelen bij de (post)impressionisten, de fauvisten, de expressionisten en kubisten de naakten, vooral baadsters, in beeldend opzicht over elkaar heen.
In het fin-de-siècle en begin 20ste eeuw zien we ook de decadentie optreden, zoals bij Beardsley, Klimt, Schiele én de Nederlandse schilder-edelman Christoph Karel Henri de Nerée tot Babberich.
De Futurist laat de mens voortsnellen in de ruimte.
Magritte schilderde `Le Viol` (1934) op zijn eigen wijze in een evenzo eigenzinnig surrealisme.
De 20ste eeuw onderzoekt het menselijk lichaam op een heel eigen wijze. Kijk maar eens naar het werk van de expressionist bacon met zijn verwrongen, geslachte mensenlichamen. Hij geeft het menselijk lichaam een heel eigen anatomie.
Of Kienholz die op een stapelbed in een ziekenhuis een naakte oude seniele man laat liggen, vastgebonden; zijn lichaam is weinig meer dan een skelet met een leerachtige, verkleurde huid. Hij is het slachtoffer van fysieke wreedheid, aan zijn lot overgelaten.
In de pop art zien we de lichamelijke presentatie van de mens (lees ook filmster) als een commercieel consumptieartikel. Richard Hamilton ensceneert voor ons het ideale fysieke man- en vrouwbeeld in een huishoudelijke omgeving in zijn collage `Just what is it that makes today`s homes so different, so appealing?`.
En wat te denken van Yves Klein in zijn Fluxus-performance Painting Ceremony in 1971. Hier wordt action painting met het model zelf als medium wel heel letterlijk opgevat. In body painting wordt het lichaam van het model als drager voor het kunstwerk beschouwd.
Ook de kunstenaar (of kunstenmaker?) Jeff Koons maakt zichzelf, vrijend met zijn model, geliefde en inmiddels ex-vrouw Cicciolina tot onderwerp van zijn kunst. Zo brengt hij de kunst in de wereld van de banale pornografie, of andersom gezegd de pornografie in het domein van de kunst.
Bruce Nauman laat in neonverlichting zeven mensfiguren copuleren.
De tentoonstelling Post-human in 1993 te Hamburg toont ons hoe de biotechnologie, vitaminenpreparaten, cosmetica, plastische chirurgie en fitness-cultuur het lichamelijke mensbeeld gaan beheersen. Het post-humane mensbeeld (Michael Jackson, Cher) is er een van manipulatie. De kunstenares Orlan maakt van zichzelf een kunstwerk door zich voortdurend door plastische chirurgen te laten opereren. En alsof dat nog niet genoeg is, kan de fysieke verschijningsvorm van de mens ook nog eens vervangen worden door middel van digitale simulatie in cyberspace: virtuele seks.
Degene die alles aangaande het menselijk naakt in de beeldende kunst wilde samenvatten is de cineast Peter Greenaway. Hij werd in 1991 door het Rotterdamse museum Boijmans- van Beuningen uitgenodigd als gastconservator om een expositie samen te stellen uit de eigen collectie. Greenaway richtte onder de titel The Physical Self een tentoonstelling in over het menselijk lichaam die eindigde in de museumtoiletten. Greenaway exposeerde klassieke en eigentijdse, gefotografeerde en levende naakten: ,,Ik zag telkens opnieuw hoe intens en onbedwingbaar onze nieuwsgierigheid is naar het menselijk lichaam. [ …]. Het lichaam is alles wat we hebben.“

Tekst: Kunstbus.nl